Kunsteducatie

Onlangs nam ik afscheid als docent cultuurbeleid aan de master kunsteducatie van Fontys. Vier jaar lang wijdde ik studenten aan deze opleiding in in de politieke context van kunsteducatie. Het tij zat mee. De achtereenvolgende bewindspersonen vonden kunsteducatie allemaal belangrijk. Kunsteducatie kreeg prioriteit in het cultuurbeleid, zelfs van Zijlstra, de VVD staatssecretaris die forse bezuinigingen doorvoerde. Dit afscheid is voor mij aanleiding voor een korte bespiegeling over het belang van kunsteducatie.

Heel veel argumenten zijn aangevoerd om de waarde van kunsteducatie te bewijzen. Omwille van de kunsten, omwille van het burgerschap, omwille van de creativiteitsontwikkeling, omwille van het leervermogen. Het bijzondere is dat alle legitimaties afzonderlijk voldoende sterk zijn om een visie op kunsteducatie op te bouwen. Ik daagde studenten dan ook uit om keuzes te maken en een eigen visie op kunsteducatie neer te zetten. Vanuit de eigen passie, betrokkenheid, werkkring gaven zij hun eigen invulling aan het vak. Een mooie opdracht met een ruime verscheidenheid aan uitkomsten. Die uitkomsten weerspiegelen de breedte waarin kunsteducatie wordt ingezet in de praktijk: op scholen ook om taalvaardigheid te vergroten, in verzorgingstehuizen om mensen vitaal te houden, in wijken om betrokkenheid tussen mensen te genereren. Kunst is daarbij een krachtig middel en de passie en vakbekwaamheid van mijn studenten zijn daarbij een garantie dat ook de intrinsieke waarde van kunst aan bod komt. Zonder kunst is er immers geen kunsteducatie.
Ik had een mooi afscheid met een inhoudelijk programma. Edwin van Meerkerk, docent cultuurbeleid aan de Radbouduniversiteit, hield een boeiende lezing over de ontwikkelingen in de kunsten en riep daarbij de vraag op naar de consequenties voor kunsteducatie. Zijn beschouwing ging over postmodernisme en altermodernisme: de notie dat alle cultuuruitingen van gelijke waarde zijn en de notie dat de waarde van cultuuruitingen in een zoektocht gemeenschappelijk worden geduid en gewaardeerd. Volgens van Meerkerk is onze samenleving permanent in verandering. Mensen moeten worden toegerust om betekenis te kunnen geven in een bewegende culturele omgeving. Om een plek te vinden in die voortdurend veranderende samenleving is een grote mate van sensitiviteit nodig en een vermogen om die gevoelswaarneming te duiden. Hierin ligt de opgave voor onderwijs en het bijzonder kunsteducatie, aldus Van Meerkerk.

Van Meerkerk ging m.i. voorbij aan de angst die voortkomt uit onzekerheid. Vele mensen zoeken vertwijfeld naar stabiliteit en herkenbare identiteit. Het is een enorme opgave om bij mensen weerbaarheid en wendbaarheid te creëren. Vanuit Wendmanagement zijn we volop met die opgave bezig in verschillende rollen en voor verschillende opdrachtgevers. Het was mooi om die ervaring ook in de master kunsteducatie in te kunnen zetten.

Voor wendbaarheid is ontvankelijkheid nodig: mensen moeten verleid worden, aangetrokken, betoverd. Daarna kun je mensen meenemen in een proces van leren waarnemen, leren duiden, leren zin of betekenis te geven. In mijn ogen allemaal essentiële elementen voor wendbaarheid. Kunsteducatie moet bij het versterken van wendbaarheid een grote rol spelen. Het mooie van de hbo masteropleiding kunsteducatie was dat vanuit de kunstpraktijk invulling werd gegeven aan de genoemde elementen van wendbaarheid. Als eerste wordt gewerkt aan ontvankelijkheid. Kunst moet verleiden en betoveren. Mensen worden in hun specifieke context in aanraking gebracht met het sublieme, de overgave, het onzegbare. Kunsteducatoren zijn ook toegerust om vervolgens in interactie met het publiek of de leerlingen de kritische reflectie op gang te brengen: het vermogen te kijken, te duiden en te waarderen. Het gaat dan over kunst, maar eveneens over wat kunst zegt over mensen en wereld. Net als het maken van kunst vraagt ook het op gang brengen van reflectie over kunst om vakmanschap.

Er is werk aan de winkel voor kunsteducatoren en hun opleiders. In alle onzekerheid blijft er vanuit deze insteek een mooie en waardevolle toekomst voor het vak kunsteducatie. Kunst en kunsteducatie kan bijdragen aan wendbaarheid van mensen en daarmee antwoorden op de permanente beweging van de samenleving.

Ad de Wolf, oktober 2014

Ad de Wolf is de W van WenD: Weloverwogen, Waardegericht, Wortelend, Wetenschapper.